Leren met Lef

STUDEREN IN HET WILDE WESTEN

Op de Haagse Hogeschool worden meertalige studenten razendsnel  en uitermate effectief klaargestoomd  voor instroom in HBO en wetenschappelijk onderwijs. Wilma van der Westen en Edith Alladin ontwierpen een razend mooie methode. Er wordt niet alleen had gewerkt aan academische taalvaardigheden en aan de noodzakelijke woordenschat, maar ook aan attitude, aan lef en aan het durven praten en luisteren.  We zien hier hoe goed dat werkt.

De complete Line-Up:

Regie Maarten van der Burg | Productie Annelies Kappers | Camera Sophie Victorine, Gerben Esvelt, Maarten van der Burg | Editing Sophie Victorine,  Annelies Kappers, Maarten van der Burg | Redactie Wilma van der Westen & Edith Alladin. De sterspelers: Ahoud, Junior, Melissa en Radek. © Script Factory 2018

Deze film duurt 19 minuten.

Script Factory project 194

LEREN met LEF: Is de film beter dan het boek?

 

“Wat is academische integratie…?”, “… dus je moet deze specifieke woorden weten”, “…als je onderzoek gaat doen volgend jaar, moet je ze kunnen gebruiken”,“Ik wil leren hoe je vaste voorzetsels in zinnen gebruikt…”

 

Deze zinnen nam geluidsman Wouter Weber op tijdens onze opnames voor de documentaire over het voortraject van het schakeljaar van De Haagse Hogeschool.

Wilma van der Westen en Edith Alladin gaven Maarten van der Burg en Annelies Kappers de opdracht om ‘de didactiek van taalontwikkelend lesgeven met het streven om de student de bagage mee te geven waarmee hij als autonome (taal)leerder zelfstandig verder kan gaan’ in beeld te brengen. We volgden een studentengroep, de lerende student moest immers centraal staan, gedurende meer dan een halfjaar. De studenten worden grondig voorbereid op hun instroom in het reguliere HBO of Universitair onderwijs.

 

Voor Script Factory een fijne uitdaging. De cursus legt niet alleen accent op de formele ‘taalkundige’ kennis en vaardigheden, maar zou in ruime mate aandacht besteden aan het kweken van een attitude. Een attitude om door te zetten en het geleerde effectief toe te passen in een andere situatie dan waarin het wordt aangeboden.

 

Maarten van der Burg, vroeger docent Nederlands op de Berlagescholengemeenschap in Amsterdam, vervolgens lerarenopleider NT2 aan de HVA, daarna medeconstructeur van de Interactieve Media opleiding CMD van dezelfde HvA en huidig als docent/ontwikkelaar van functioneel en verrassend mediagebruik bij de bachelor en masteropleidingen van de Faculteit Onderwijs en Opvoeding van de HvA werkzaam, en … al jaren educatief filmmaker, werkt in dit Script Factory project samen met Annelies  Kappers, vroeger docent aan het Joke Smit College, Directeur van Firma Taal van het ROCvA en eigenaar van de website Film@Taal.

 

En we waren heel benieuwd. Script Factory maakt al jaren films over mooi NT2 onderwijs, over de inzet van Nederlandse taal in meertalige situaties; in Basis, Voortgezet, MBO en HBO onderwijs.  En de vraag over het HOE is steeds het meest pregnant. Het WAT is altijd duidelijk. Maar HOE krijg je voor elkaar dat er werkelijke transfer en rijke toepassing van het geleerde plaatsvind in reële vervolgsituaties?

 

We pakten onze camera’s, statieven en andere apparatuur in, stelden een opnamecrew samen en togen naar De Haagse Hogeschool. Dit gebouw is prachtig en zeer fotogeniek, maar filmisch lastig. Er is veel glas en dus heel veel tegenlicht. Dat betekent dat gezichten te donker afgebeeld kunnen worden. Cameraman en vrouw: opgelet! Dat is vooral lastig bij camerabewegingen die van muur naar raam gaan. En gebeurde vaak, want de lessen van Wilma en Edith zijn zeer levendig. En akoestisch zijn schoolgebouwen vaak niet handig ontworpen. Het geluid klinkt meestal hol. De prachtige lichthal van De Haagse Hogeschool versterkt het geluid van studenten die beneden converseren, lachen, lunchen en heen en weer lopen. Een mooie uitdaging voor onze geluidsman. En de techniek moet hard werken tijdens de energieke en behoorlijk interactieve lessen. Eerst reageert een student achterin de klas, de camera volgt dat en dan reageert een student voorin de klas, scherpte camera! En dan weer een student op links en dan reageert de docent opeens…. En niet alleen de camera werkt hard. Het geluid zwaait met een hengel van 4 meter buiten beeld, vlak boven het kader van de camera en moet toch zorgen om op tijd de juiste woorden te vatten. Dit noemen wij filmmakers: een lekker complexe situatie.

 

Script Factory maakt documentaires in ware zin van het woord. Ik wil het authentieke onderwijsproces vastleggen om de kijker de indruk te geven van de echte werkelijkheid, zoals die was tijdens de opnames. En dat betekent dat we geen re-takes of herhalingen willen filmen. Dat zou niet echt zijn. En ook: studenten en docenten zijn geen acteurs. Ze zeggen echte zinnen vanuit hun hart, met de bijbehorende echte gezichtsuitdrukkingen. Bij een herhaling, of re-take, raken ze in verwarring en wordt hun dictie ‘gemaakt’ en zijn de uitdrukkingen meestal niet meer geloofwaardig. En een re-take onderbreekt de werkelijke onderwijsinteractie en dan zouden we de kijkers een ‘gemaakte ’realiteit voorschotelen. Dat kan natuurlijk niet onze onderwijsfilms, die door het weergeven van de authentieke werkelijkheid willen aantonen dat er goed onderwijs wordt voltrokken. En dat betekent dat alles in 1 keer goed moet worden opgenomen. (…. uitzonderingen daar gelaten ….) Dus de opnamecrew werkt heel, heel hard op zo’n opnamedag.

 

In de klas besteden we heel veel aandacht aan fijne en goede verstandhouding met elkaar.  Filmen heeft altijd iets ‘engs’. Je wordt afgebeeld en je vraagt je af of het wel ‘goed’ doet.  En het besef dat er later heel veel naar je gekeken gaat worden, is op zijn minst nerveus makend. En die grote camera met al die snoeren is soms wel HEEL ERG DICHTBIJ ….

Ik ga er als regisseur altijd van uit dat de mensen die wij filmen ‘medeauteurs’ van de film zijn. Script Factory komt niet binnen vallen om vanaf de zijlijn wat studenten en docenten vast te leggen, in te pakken en in de montage wel iets aardigs te fabrieken.

We bouwen eerst een ontspannen relatie om met iedereen die meedoet. We geven aan dat alleen de filmpersonages mogen zeggen: “Stop, ik wil het nog een keer doen” of: “Nee, dat was niet goed” … en dat wij ze volgen. De filmcrew breekt nauwelijks in het getoonde onderwijs in. En we leggen ook heel grondig uit wat het doel is van de film, dat de film niet zonder de gefilmde personen kan en dat de crew alles doet om iedereen ‘eerlijk’ af te beelden … en dat we allemaal mensen zijn en dat fouten maken mag! Deze voorwaardelijke gesprekken leveren een geïnspireerde en betrokken ‘shoot’ op. De studenten vergeten vaak dat ze gefilmd worden of vertellen het gewoon aan de camera, die ze als medepersoon beschouwen. En dat maakt onze films vaak zo ontroerend ‘echt’.

 

Bij het filmen en later bij de montage voltrok zich een uitermate interessant proces. Onderdeel van de methodiek van Wilma en Edith is dat de studenten hun eigen leerdoelen formuleren en ook nagaan tot in hoeverre die leerdoelen behaald zijn. Aan het begin van de cursus zijn die leerdoelen heel ‘talig’ van aard. Ze berusten op de wens om formele aspecten van de nieuwe taal te kunnen. “Ik wil graag verwijswoorden leren kennen”, “Ik wil de vaste voorzetsels beheersen”.  Maar het gaat uiteindelijk om de toepassing daarvan. Kennis ‘van’ is echter niet de enige voorwaarde voor succesvolle toepassing. Wij als lesgevers, onderwijsontwikkelaars en filmers weten dat natuurlijk. Voor de studenten lag dat veel moeilijker. Zij formuleerden aan het begin van de cursus nauwelijks leerdoelen over toepassing en gebruik. Deels omdat het besef er nog niet was en deels omdat het ‘veilig’ is om eerst aan de formele taalkennis te werken. In Leren met Lef zie je hoe Wilma en Edith aan dit groeiend besef bijdragen. Je ziet de studenten groeien.

Het filmen van dit proces leverde tijdens de montage van de film spannende disputen op.

Wij monteerden de talige leerdoelen van het begin van film. Dit was zoals dat in de werkelijkheid gebeurde. In de montage werkt dat echter anders. Wilma en Edith vreesden dat de film te veel over technische taalaspecten zou gaan. Wij hadden de toepassingsleerdoelen echter verderop in de film gemonteerd. Een bijzonder aspect van film is dat het heel erg gerelateerd is aan ‘beleefde tijd’. De kijker weet niet wat in de volgende minuut; wat er later in de film zal gaan gebeuren. Dat weten alleen de makers. Wij gebruiken vaak dit soort contrastieve elementen en scenes als een prikkelende premisse, die we later inlossen.  Gelukkig werden Wilma en Edith overtuigd van deze filmische werking. En met een kleine bijstelling konden we recht doen aan de ontwikkeling van de studenten. Eerst leren en weten en dan steeds meer doorkrijgen ‘hoe’ je moet gaan gebruiken. De methodiek van Wilma en Edith, en dus ook de film, zit vol met toepassingselementen. En die worden allemaal effectief ingezet en belicht. En de werkelijke uitdaging zit in wat een studente vertelt tijdens haar voorgangsgesprek: “Ik lees eigenlijk niet… alleen tijdens de les … ik weet niet waarom… hoe kan ik als ik lees de woorden gebruiken…”

 

Leren met Lef is een film waarin taalontwikkeling en persoonlijke ontwikkeling hand in hand gaan. Leren met Lef ontroert. We zien hoe studenten samen met hun docenten razend lastige stappen zetten om taal op hoog niveau te leren. De didactiek van Wilma en Edith over taalontwikkelend lesgeven reikt verder dan alleen dit voortraject en is ook toepasbaar in andere settingen. We zien hoe het reflecteren op het leren en het verwoorden daarvan helpt om de attitude te verkrijgen om te durven studeren in een lastige vreemde taal in een omgeving die niet altijd even vriendelijk is.

En dit alles gebeurt door en met TAAL. Het meest levendigste instrument dat ons mensen eigen is.

 

Ik vind het een eer dat we met onze film, waarin we TAAL en taaloefening in BEELD brengen, een plaats krijgen op deze prachtige conferentie Het Schoolvak Nederlands 2016.

 

Maarten van der Burg: Filmmaker en docent Nederlands | Script Factory | HvA